"Achteraf bezien had ik niet moeten spelen", vertelt de rossige doelman in BN/De Stem. "Ik was simpelweg niet fit genoeg." Ten Rouwelaar kampt met liesklachten. Die spelen hem nog steeds parten. Maar zaterdag kon hij daardoor niet voluit gaan en vooral mentaal blokkeerde de sluitpost. Hij steekt zijn hand in eigen boezem. Zeker, omdat trainer Robert Maaskant voor het duel nog expliciet had gevraagd of Ten Rouwelaar in staat was om te keepen.
"Of de trainer mij niet tegen mezelf in bescherming had moeten nemen? Dat vind ik niet. Terecht zei hij: 'je voelt zelf het beste of je kunt spelen.' Zo'n opmerking geeft vertrouwen. Ik antwoordde dat ik me fit voelde, ook al was mijn voorbereiding natuurlijk verre van ideaal. Ik had een week niet getraind. Maar omdat ik zo graag wilde, besloot ik te keepen tegen Groningen. Stom achteraf. Jimmy had in de goal moeten staan. Een typisch leermoment", vervolgt de doelwachter in het regionale dagblad.
Ten Rouwelaar merkte al dat hij in gedachten teveel bezig was met de lieskwaal, die hem al de hele week had achtervolgd. "In de warming-up ging het nog wel, maar tijdens de wedstrijd bleef die blessure door mijn hoofd malen." Nadat eerdere onzekere momenten nog onbestraft waren gebleven, beging de doelman bij de 0-2 van Oluwafemi Ajilore een kapitale fout. Bij het uitkomen struikelde hij letterlijk over zijn eigen benen. "Ferne Snoyl riep 'pas op, pas op'. Daardoor ik ging twijfelen. Mijn fout had in elk geval niets te maken met wat me een week eerder gebeurde tegen PSV-speler Ola Toivonen (toen een overtreding van Ten Rouwelaar onbestraft bleef, red.). Totaal niet zelfs."
Ten Rouwelaar verwacht zaterdag in het uitduel met Heracles Almelo gewoon weer op het NAC-doel te staan. Ondanks de zwakke periode die hij doormaakt. "Ik denk niet dat de trainer me na twee of drie mindere wedstrijden opeens zal passeren. Juist nu wil ik me revancheren."

