Die zondag troffen beide ploegen elkaar ook. Toen in een regenachtig Olympisch Stadion. Voor grote wedstrijden week Ajax in die periode uit naar het grootste stadion in de hoofdstad, omdat de eigen Meer te klein was. Ajax ging vol overtuiging van start en liet Feyenoord alle hoeken van het veld zien. Toen de kruitdampen waren opgetrokken en na negentig minuten beide ploegen de kleedkamers weer opzochten, stond er een onwaarschijnlijke 8-2 op het scorebord.
En Cruijff? Die speelde toen juist mét Feyenoord tegen de club, waar zijn liefde ligt en waar hij nu weer graag de macht in handen krijgt. Cruijff, die het met de Amsterdammers niet eens had kunnen worden over een nieuw contract, wilde graag in het shirt van de aartsrivaal revanche nemen. Maar met zijn kompanen werd hij door (Jong) Ajax compleet van de mat gespeeld. Jesper Olsen speelt Cruijff tot overmaat van ramp nog een keer door de benen.
De Deense vleugelspits is bij liefst zes van de acht goals van de Amsterdammers betrokken. Drie keer scoort Marco van Basten na een weergaloze actie van de pingeldoos op de linkerflank. Zelf neemt Olsen ook nog twee doelpunten voor zijn rekening.
Binnen 23 minuten stond het al 3-0. Ajax kende een flitsende start en via Jesper Olsen, Marco van Basten en Peter Boeve leek de spanning al snel voorbij. Peter Houtman bracht met een mooi doelpunt vier minuten later toch enigszins wat leven in de Rotterdamse brouwerij. En in de 33e minuut leek de spanning helemaal terug. Houtman legde de bal terug op Henk Duut, die van net de buiten de zestien verwoestend uithaalde.
In de tweede helft ging Feyenoord op jacht naar de gelijkmaker. Maar uit een counter zorgde Keje Molenaar in de 62e minuut voor de 4-2. Daarna was het gallery-time voor Ajax. Ronald Koeman zorgde uit een strafschop voor 5-2, Marco van Basten speelde met een prachtige sleepbeweging de uitkomende doelman Joop Hiele uit voor de 6-2 en via stiftjes zorgden Jesper Olsen en Marco van Basten voor de onwaarschijnlijke 7-2 en 8-2.
Maar wie het laatst lacht, lacht het hardst, luidt een spreekwoord. Inderdaad kon Cruijff acht maanden later zijn oud-ploeggenoten uitlachen toen hij met Feyenoord de landstitel binnenhaalde. In de jaren daarna zijn nog diverse legendarische confrontaties tussen beide ploegen gespeeld in Amsterdam.
Het eerste basisoptreden en doelpunt van Harvey Esajas van Feyenoord juist tegen Ajax, de wedstrijd van het leven van David Connolly in de Amsterdam ArenA en natuurlijk de prachtige hakbal van Rafael van der Vaart die de Feyenoord-defensie versteld liet staan.

