Dat Schalke zich zou plaatsen, zag er aanvankelijk niet naar uit. Valencia was in de Veltins Arena de beter voetballende ploeg en kwam na ruim een kwartier op voorsprong. Mehmat Topal had aan de linkerkant een fraaie actie in huis en vond het hoofd van Ricardo Costa, die - bewust of onbewust - de 0-1 tegen de touwen kopte.
Schalke, zonder de geblesseerde Klaas-Jan Huntelaar, werd door de tegentreffer allesbehalve wakker geschud. Sterker nog, de 0-2 hing meer in de lucht dan de 1-1. Maar kort voor rust zorgde Jefferson Farfan voor opluchting bij de Königsblauen. De aanvaller krulde een vrije trap ineens achter doelman Guaita, die kansloos was.
De vreugde in Gelsenkirchen werd nog groter toen Mario Gavranovic zeven minuten na de rust voor 2-1 zorgde. De spits stond op de juiste plaats na een scrimmage en zag zijn inzet via beide palen over de doellijn rollen.
Daardoor moest Valencia ineens. En kwam het ook. Azuriz verscheen oog in oog met Manuel Neuer, maar die had een uitstekende redding in huis, waarmee hij de gelijkmaker voorkwam. Ook in het laatste half uur capituleerde de doelman niet meer, ondanks enkele hachelijke situaties. Nadat Schalke in de counter nog de paal en lat had geraakt, besliste Farfan het duel in extremis door de bal subtiel langs doelman Guaita te lobben: 3-1.

