Nee, wij zijn niet het enige kleine voetballand dat af en toe van zich doet spreken. Op Europese en wereldkampioenschappen doen wij het net iets beter dan de Portugezen. Drie keer Vice Weltmeister, dat doet niemand ons na. De eerlijkheid gebied te zeggen dat we die twijfelachtige eer mede te danken hebben aan een gunstig lot. Want in de historie van Oranje, die begon in 1905, wonnen we slechts eenmaal van Portugal: op 16 oktober 1991. Met 1-0. Dankzij erkend goalgetter Richard Witschge. Op een groot toernooi troffen we de Portugezen twee keer. Beide malen luidde dit de uitschakeling van Oranje in.
In 2004 was de nederlaag terecht. In de halve finale van het EK werd het slechts 2-1. De uitslag doet anders vermoeden, maar Oranje was kansloos. Heel anders was dat tijdens het WK 2006 in Duitsland. De achtste finale in Nürnberg is een memorabel duel. Khalid Boulahrouz stak de lont in het kruitvat. Zijn aanslag op het bovenbeen van Christiano Ronaldo was het startsein voor een veldslag die zijn weerga niet kende. Na acht gele kaarten en vier rood gekleurde exemplaren bleek een treffer van Maniche fataal. De les die we, alweer bijna vijf jaar geleden, ten overvloede kregen ingepeperd: het Portugese voetbal ligt ons niet. Met schoppen en provoceren lukt het niet. Met olijke 'semi' debutanten (Vennegoor, Melchiot, Bouma en Talan waren onder Van Gaal kansloos, 0-2) lukt het niet. Met mooi voetbal (0-2 voorsprong vijf minuten voor tijd, 2-2 eindstand. Ook onder Van Gaal) lukt het niet.
Die 2-2 dateert van maart 2001 en markeert, behalve het feit dat we mede daardoor het WK 2002 misliepen, nog een belangrijk feit. De gelijkmaker van Figo, na het bekende foutje van De Boer, viel diep in blessuretijd. Als we dat gegeven leggen naast de recente ervaringen van de Nederlandse clubteams, schrik je gewoon. Portugezen, het zijn de nieuwe Duitsers. Zo blijkt.
FC Twente - Sporting Lissabon, juli 2009. FC Twente staat met 1-0 voor en gaat door naar de laatste voorronde van de Champions League. Totdat Peter Wisgerhof in de blessuretijd uiterst ongelukkig in eigen doel schiet.
Sporting Lissabon - Heerenveen, vijf maanden later. De Friezen zijn al uitgeschakeld, maar lijken wel voor een stunt te gaan zorgen. Ze staan na negentig minuten met 0-1 voor. Totdat Leandro in extremis gelijkmaakt. Thuis had Heerenveen trouwens met 2-3 verloren van Sporting. De beslissende treffer van Liedson viel 'slechts' in de 88ste minuut.
Feyenoord verloor in 1993 van FC Porto door een treffer in de blessuretijd van Domingos. Roda JC stond in 1995 een kwartier voor tijd met 2-0 voor tegen Benfica. Het werd 2-2.
De meest tragische exit vond plaats in 2005. AZ speelde fenomenaal en was niet te stuiten op weg naar de finale van de UEFA Cup. Zelfs Sporting moest eraan geloven. Toch? Braakneigingen. Kijk nog maar eens terug op YouTube en huiver hoe de allerlaatste bal van de wedstrijd achter Henkie Timmer in het doel valt.
Leren we van het verleden? Nee. PSV kreeg donderdag nog maar eens een lesje in Portugese effectiviteit. Salvio scoorde in de blessuretijd van de eerste helft. Saviola in de extra tijd van het tweede bedrijf. Natuurlijk was Benfica veel beter. Maar als PSV gewoon haar huiswerk had gedaan en de boel in de extra tijd dicht had gegooid achterin, was het gewoon 2-1 gebleven.
En dan ziet zo'n return er toch heel anders uit.
Arnout Verzijl
Adjunct Hoofdredacteur ELF Voetbal

