Daar gelden ze wel, maar worden ze altijd ingehaald door een opvallend veto: 'als ik iets sneller ben dan jij, heb ík voorrang'. Zo kan het wel eens gebeuren dat, precies als jij de tunnel indraait, aan de andere kant de neus van een tegenligger opdoemt. Die weet dat hij moet wachten, maar hij komt toch even ruiken of er geen mogelijkheid is om stiekem door te rijden.
Nooit leidde dit tot hachelijke situaties, want altijd was de bijna-overtreder dan toch niet de beroerdste om op de rem te trappen of 'm zelfs in z'n achteruit te zetten. Tot afgelopen woensdag.
Een oud baasje in een aftandse truck gaf juist gas bij toen ik de tunnel allang was ingereden. Stonden we daar, koplamp tegen koplamp, precies in het midden. Geen doorkomen aan voor beiden.
Een heksenwiel vloog voorbij. De wind nam een lading zand mee en voor de rest was het stil. Hoorde ik daar een saloondeur dichtslaan? Wel klonk in de verte iets wat op een mondharmonica leek.
De grijsaard - klein, lange baard en dikke bril op - keek mij gebogen achter het stuur en door zijn vieze vooruit richt in de ogen aan. Voor de rest gebeurde er seconden lang niets. Hij maakte bepaald geen aanstalten om actie te ondernemen.
Ik besloot maar uit te stappen en de man vriendelijk te wijzen op de verschillen tussen het verkeersbord aan mijn én zijn kant van de tunnel. Maar, held als ik ben, deed ik dat op veilige afstand. Met handgebaren en een luider stemgeluid, want ik wilde niet bij mijn portier weglopen. "Je kunt er wel zo uit zien als de vriendelijke kabouter Plop, maar ik neem mooi geen risico."
De oude baas gooide plots zijn deur open en stapte naast zijn truck. Al zijn broek ophijsend en de bretels buigend, raaskalde hij iets onverstaanbaars. Ook nog eens in plat Haags, waardoor ik helemaal geen idee had wat hij bedoelde. Maar door zijn agressieve houding werd wel heel snel duidelijk, dat hij geenszins van plan was mij voorrang te verlenen.
De lafaard in me besloot maar 'de wijste te zijn', zoals mijn moeder zou zeggen. Er was immers genoeg kostbare tijd verspild. Ik riep naar hem dat ik wel achteruit zou rijden en kroop weer achter het stuur. Wachtend op een verborgen cameraploeg die uit de bosjes zou springen en me deze Jiskefet-sketch zou uitleggen, maar dat gebeurde niet.
Aan mijn kant van de tunnel passeerden we elkaar. Ik wees nog naar het bord, maar de man keek alleen maar vooruit, de blik op oneindig gericht. Hij had immers zijn doel bereikt. Ook al zat -ie fout en was -ie ontzettend onbeschoft.
Ik ben er nog steeds niet uit of ik in dit verhaal Johan Cruijff ben, die ondanks zijn gelijk maar aan de kant moet voor een andere partij die zonder fatsoen en goede communicatie bot rechtdoor wil, of Louis van Gaal, die waarschijnlijk toch weer plaats moet maken voor een ongetwijfeld in zijn ogen oude man, die zonder links of rechts te kijken star zijn blik op het beoogde doel houdt.
Ik weet alleen wel dat in het geval van een frontale botsing, ik het qua PK's had afgelegd tegen de truck. Je kunt dan wel in je recht staan; een rokende wrak kan niet meer vooruit.
Kan iemand bij Ajax de tunnel verbreden? Of de verkeersregels nog eens goed uitleggen aan de twee recht tegenover elkaar staande bestuurders? Of moeten zij het Wild West-stijl oplossen? In dat geval loopt altijd slechts één persoon ongeschonden weg. Tenzij een van de twee de wijste is en een stap terug doet.
PS: het was sowieso een slechte week voor oude mannen in de voetballerij. Johan Derksen die eerst wil ontkrachten wat hij in ons jubileumnummer zegt over zijn afscheid en het daarna in dezelfde zin bevestigt? En vervolgens vastgeluld wordt door Wilfred Genee in de schandalige Nederland Energie Maatschappij-affaire? Misschien tijd voor een goede zelfreflectie? Ik zeg: doen!

