Bij FC Twente debuteerden doelman Nick Marsman en verdediger Nils Röseler in de Europa League. Het lag niet aan dit duo, maar het was duidelijk te zien dat FC Twente in een noodformatie speelde. Een laag tempo, slordige passen en vooral slecht dekken. Desondanks kregen de bezoekers de eerste grote mogelijkheid van de wedstrijd. Na een geweldige verdedigingsfout bij de Polen kreeg Marc Janko de bal plotseling voor zijn voeten. Maar de afronding van de Oostenrijkse spits was dramatisch.
Wisla Kraków moest, maar liet dat niet bepaald zien. Al was de eerste de beste kans in de twaalfde minuut direct raak. Daar ging slordig balverlies van Nacer Chadli aan vooraf. Lukasz Gargula profieerde en haalde vanaf de rechterkant fraai uit. De zwabberbal leek houdbaar. De thuisclub bleef daarna de betere ploeg. Zeven minuten later trachtte Tomas Jirsák het vanaf zeker 25 meter, maar nu reageerde Marsman wel goed. Hij tikte de bal tot corner.
De gelijkmaker in de 39e minuut kwam letterlijk uit de lucht vallen. Een vrije trap werd vanaf de rechterkant opnieuw ingebracht door Denny Landzaat. In het strafschopgebied produceerde Luuk de Jong een geweldige omhaal. Met zijn rechter joeg hij de bal zo in de kruising. Er werden direct vergelijkingen getrokken met het bewuste doelpunt van Marco van Basten tegen FC Den Bosch.
In de tweede helft, waarin Chadli in de kleedkamer achterbleef en werd vervangen door Ola John, kreeg FC Twente het deksel al snel op de neus. Een lange uittrap van doelman Sergei Pareiko bereikte direct spits Tsvetan Genchov. De Bulgaarse aanvaller zag tegenstander Rasmus Bengtsson niets doen en ook bij zijn uithaal trof hij de bal half vallend niet eens vol. Marsman was wel verslagen: 2-1.
Trainer Co Adriaanse leek het vervolgens wel te geloven. Hij haalde met de wissels ook nog Marc Janko en Luuk de Jong van het veld. Daarvoor kwamen Steven Berghuis en Ninos Gouriye, twee tieners met nauwelijks ervaring. FC Twente probeerde het nog wel enkele keren, maar de ware overtuiging ontbrak.

