Het is nog maar amper twee jaar geleden dat de spelersgroep van sc Heerenveen drie trainers in een seizoen tijd de tactische bespreking zag doen. Achtereenvolgens Trond Sollied, Jan de Jonge en Jan Everse konden de Friezen niet behoeden voor een teleurstellende elfde plaats op de ranglijst. Omdat dat gebeurde met een prijzige selectie die het stempel droeg van de toenmalige Heerenveen-directeur Yme Kuiper, werd deze clubman na een jarenlang dienstverband bedankt voor zijn werk. Zijn financiële directiekompaan Henk-Jan Hoekstra kreeg van de raad van commissarissen dezelfde mededeling, omdat hij de te hoge transfersommen en salarissen accordeerde met een miljoenenverlies voor sc Heerenveen tot gevolg.
Beide clubleiders werden vervangen door algemeen directeur Robert Veenstra en technisch directeur Johan Hansma. Onder de nieuwe clubbazen wilden de Friezen terug naar de subtop en de trainer die zij uitkozen om de oude tijden in het Abe Lenstra Stadion te laten herleven was Ron Jans. Het laaiende enthousiasme over de voormalige succestrainer van FC Groningen verflauwde in Friesland echter al snel. Tussen coach en spelersgroep wilde er maar geen chemie ontstaan. Was Jans bij FC Groningen een trainer die zijn team steeds van de juiste impulsen voorzag, bij Heerenveen sloeg zijn op discipline gerichte stijl juist niet aan. Hij brouilleerde vorig seizoen met zijn aankopen Youssef El Akchaoui en Bas Dost en weigerde de Friese publiekslieveling Geert Arend Roorda een kans te geven. Ook streek hij Roy Beerens en Oussama Assaidi tegen de haren in door ze al in de rust te wisselen of soms zelfs op de bank te houden.
Jans' psychologische oorlogsvoering met zijn dragende spelers leverde niet meer dan een plek in de middenmoot op, ver verwijderd van de doelstelling Europees voetbal. Een stevige evaluatie tussen trainer en directie volgde daarom na afloop van het seizoen. De trainer balanceerde daarbij op het randje van ontslag. Maar weer een trainer ontslaan, zou het broze fundament van rust, stabiliteit en gemoedelijkheid nog verder onder de club wegslaan, zo beseften Veenstra en Hansma. Gekozen werd daarom om meer club-dna in de technische staf te krijgen. A-junioren-trainer Henk Herder, de jarenlange rechterhand van de ex-hoofdtrainers Gertjan Verbeek en Sollied, werd daarom weer doorgeschoven naar het eerste elftal. Dat ging ten koste van Raymond Libregts, de man met wie Jans zijn acht Groningse jaren én zijn eerste Heerenveen-seizoen had doorgebracht.
Vanaf dat moment was al duidelijk dat Jans aan zijn laatste jaar bij sc Heerenveen bezig was. Door zich niet solidair te verklaren met zijn trouwe assistent, gaf hij het technische volmacht volledig uit handen. Op voorspraak van de directie werd de vorig seizoen uitgezwaaide routinier Gerald Sibon teruggehaald uit Australië. Met zijn ervaring, humor en overwicht moest hij naast zijn rol als pinchhitter een belangrijke rol in de kleedkamer gaan vervullen door de vorig seizoen verdeelde spelersgroep tot een eenheid te smeden. Daarnaast hoopten Veenstra en Hansma dat de doorgestroomde jeugdspelers Pele van Anholt, Doke Schmidt, Quenten Martinus, Tobias Kainz en Jeffrey Gouweleeuw en de Belgische aankoop Sven Kums het enthousiasme zouden doen terugkeren.
De spelers met wie Jans vorig seizoen brouilleerde zagen de machtsverschuiving op technisch gebied en voelden dat hun transferwaarde voor de club veel zwaarder woog bij de directie dan Jans voor de club te behouden. Zij besloten tot een verstandshuwelijk met hun trainer, dat dit seizoen goed stand houdt. Nog langer doorgaan met een liefdeloze relatie was echter onverantwoord. Dan was sc Heerenveen binnen de kortste keren weer in de situatie van vorig seizoen beland.

