Met behulp van een apparaat kon de Roemeense linkervleugelverdediger weer staan. Dat gebeurde tijdens een therapie in Californië. Nesu raakte ruim een jaar geleden verlamd na een ongelukkige botsing op de training met ploeggenoot Alje Schut. "Dat hij nu weer heeft gestaan, is mentaal enorm belangrijk voor Mihai", vertelt clubarts Frank van Hellemondt tegenover De Telegraaf. "Dit geeft hem nieuwe energie."
"Na een jaar revalideren in Nederland, was het sowieso goed voor Mihai om aan iets nieuws te beginnen. Het is bekend van sporters, dat ze in de revalidatie veel doorzettingsvermogen tonen. Maar daar moet je ook wel weer realistisch in zijn. Als er echt veel beschadigd is, dan kun je een wil hebben die tot de hemel reikt, maar je bent er van afhankelijk of herstel fysiek mogelijk is. Laten we hopen dat hij in Amerika vooruitgang kan boeken."
De speciale therapie maakt deel uit van het stimulatieprogramma, dat Nesu in de Amerikaanse revalidatiekliniek ondergaat. "Mihai wordt met behulp van een tuig opgetakeld in een staande positie om het lichaam weer de zwaartekracht te laten ervaren. Daarbij hoort dan dat door middel van elektroden het lichaam wordt gestimuleerd om weer iets van de oude functies op te pakken", legt FC Utrecht-clubarts in het dagblad uit.
Na de revalidatie in Utrecht is Nesu begin deze maand samen met een Roemeense vriend naar Amerika vertrokken, omdat daar verregaandere therapieën worden gegeven aan dwarslaesiepatiënten. "In Nederland had hij met de hier gebruikte revalidatietechnieken een bepaalde vorm van stabiliteit bereikt, waarbij hij niet veel vooruitgang meer boekte. De nu gebruikte vorm van therapie wordt in Nederland niet aangeboden."
"In eerste instantie werkt Mihai een traject af van drie maanden, waarin gekeken wordt of er met deze intensieve manier van behandelen - vijf uur per dag - progressie kan worden geboekt. Als die progressie er is, dan kan de therapie worden uitgebreid tot een jaar. Als er onvoldoende progressie is, wordt de therapie afgebroken", besluit Van Hellemondt in De Telegraaf. "Je kunt deze manier van therapie zien als een 'ultimum remedium'."

