Resultaten x
Binnenland

Alexander Merkel: van San Siro naar het Polman Stadion

Ooit lag de wereld aan zijn voeten. Nu hoopt hij Almelo voor zich te winnen. Alexander Merkel moest zijn verwachtingen de voorbije jaren veelvuldig bijstellen. Een gesprek met het gewezen toptalent, nieuweling bij Heracles Almelo, over de weg die hem van een gouden seizoen in San Siro naar het Polman Stadion leidde.
25-10-2018 20:30 door Wesley de Bree

Antonio Cassano brult door een microfoon in een poging zijn volledige longinhoud te vertalen naar zoveel mogelijk decibel. Ervaren rotten Alessandro Nesta en Clarence Seedorf ondergaan de huldiging iets gereserveerder. Kwestie van routine. De platte kar van AC Milan bevindt zich op het plein voor de imposante Duomo van Milaan, achter een gordijn van fakkelrook en rood-zwarte vlaggen. Ze zijn kampioen. De beste van Italië. Voor het eerst in zeven jaar. Achter de met eremetaal overladen vedetten van Milan, in de hoek van de platte kar, kijkt een blonde jongen wat schuchter om zich heen. Zijn naam is Alexander Merkel. Benjamin der kampioenen. Belofte uit Duitsland. Toptalent met minder prijzen maar veel meer toekomst dan zijn teamgenoten op de kar.

Diezelfde Alexander Merkel staat nu, zeven jaar later, in een perszaaltje in Almelo. Baantjes zweet lopen als bergbeekjes over zijn wangen naar beneden. Lieflijk lachende koffiejuffrouwen delen plastic bekertjes slappe koffie uit. Almelose gastvrijheid op z'n best. Almelo: waar altijd wel een stoplicht op groen staat. En dat is best lekker voor een speler wiens carrière al een behoorlijke poos voor een rood licht stond te wachten.

Er mag dan altijd wat te doen zijn in Almelo, dat geldt minstens zozeer voor Londen en Milaan. “Almelo is geen Milaan of Londen, maar ik voel me hier thuis”, zegt Merkel. Het verschil mag dan groot zijn; het aanpassen aan een nieuwe leefomgeving is geen probleem voor de 26-jarige middenvelder. Hij mag zich inmiddels een expert noemen op het gebied van verhuizen en emigreren. De afgelopen jaren liep Merkel de stadhuizen in van Milaan, Genoa, Udine, Londen, Zürich, Bochum, Maria Enzersdorf en Almelo. Dat betekent niet dat bij Merkel de verhuisdozen als meubilair in de woonkamer staan. “Ik neem mijn spullen niet altijd mee van appartement naar appartement. Als het appartement is ingericht, trek ik er gelijk in. Zo niet, dan koop ik de spullen. Anders voel ik me er niet thuis.”

Dat Merkel regelmatig verhuist heeft een reden: in zijn carrière verdedigde hij achtereenvolgens de clubkleuren van AC Milan, Genoa, Udinese, Watford, Grasshopper, VfL Bochum, Admira Wacker en dit seizoen het zwart-wit van Heracles Almelo. In de afgelopen negen seizoenen stond Merkel bij evenzoveel clubs onder contract.

Mooie herinneringen

Negentien jaar oud was Merkel toen hij in 2011 op de platte kar het winnen van de Scudetto vierde. Als we het kampioensfeest ter sprake brengen verschijnt een grote lach op zijn gezicht. “Dat was het beste gevoel ooit. Ik herinner me nog dat de hele stad rood was. Ongelooflijk. De stad Milaan is zoals bekend verdeeld tussen rood en blauw, maar nu was alles rood. Fantastisch.” Het was de laatste keer dat men in het rode deel van Milaan een landstitel mocht vieren. Na 2011 trad het verval in voor beide Milanese grootmachten, rood én blauw. “Ik maakte deel uit van het voorlopig laatste kampioensteam van AC Milan. Maar ik hoop dat ze snel weer kampioen worden. Ze zijn op de weg terug.”

Niet alleen het kampioensfeest, maar zijn hele tijd bij Milan staat bol van mooie herinneringen. Zoals de herinnering aan zijn debuut. “Ik kan het me nog helder voor de geest halen. Elke speler herinnert zich zijn debuut.” Merkel beleefde zijn vuurdoop als Heraclied op 11 augustus jongstleden tegen Ajax. Zoals hij acht jaar eerder in het shirt van Milan ook al tegen Ajax debuteerde. Toen in de Champions League. Dat is overigens ook meteen de enige parallel; de tegenstander. Kwam hij bij Heracles als invaller binnen de lijnen voor Brandley Kuwas; acht jaar geleden moest hij Robinho aflossen en vormde hij een middenveld met Clarence Seedorf, Andrea Pirlo en Ronaldinho.
Merkel tweette onlangs nog een foto met laatstgenoemde. Ronaldinho links, Merkel rechts, sprintend door de bossen van Milaan. “Het was ongelooflijk om met zulke spelers te trainen. Elke dag was speciaal. Ik was jong en had elke dag de mogelijkheid om te leren van de allerbesten.”

Ook leerde Merkel veel van hoofdtrainer Massimiliano Allegri, aan wie hij naar eigen zeggen veel te danken heeft. Allegri gaf Merkel een kans in een ploeg vol prijzenpakkers, bij een club waar zulke kansen zeldzaam zijn. In een land waar ervaring welhaast geldt als voorwaarde. “De belangrijkste coach van mijn carrière. Allegri heeft een fundament gelegd, me laten groeien en de kans gegeven in het profvoetbal.” Spelen in zo’n omgeving, tussen genoeg sterren om het hemelgewelf jaloers te stemmen, onder een trainer die in hem geloofde, zorgde voor Merkel voor het grootste genot. “Daarom genoot ik bij Milan. Maar dat is voorbij nu. Het verleden ligt achter ons. Ik kan daar niets meer aan veranderen.”
 

Pech

Terugblikken doet Merkel liever niet. Zijn verleden bij Milan, hoe roemrijk ook, sleurt hij als een schaduw achter zich aan. De medaille die hem herinnert aan de Scudetto is net zozeer een herinnering aan het hoogtepunt van zijn carrière als een herinnering aan de vergankelijkheid ervan. Niemand zal acht jaar geleden bevroed hebben dat Merkel anno 2018 bij Heracles Almelo onder contract staat. Ook hijzelf niet. Toen hij kort na het laatste fluitsignaal van zijn eerste thuiswedstrijd voor Heracles (4-2 zege op ADO Den Haag) door de mixed zone liep, hielden verslaggevers van lokale media de voicerecorders op zak. Was hij ooit een prins in Milaan; inmiddels is de belangstelling voor Merkel gedaald tot een paar kinderen die om een handtekening vragen. Ver verwijderd van Dompleinen vol fakkels en vlaggen.

Sinds de Scudetto daalde Merkel telkens een trede af van de ladder van het internationale profvoetbal. Hoofdoorzaak: pech. Pech omdat hij als gevolg van een ingewikkelde (en inmiddels verboden) transferconstructie jojode tussen Milan en Genoa, pech omdat latere werkgever Udinese hem naar zusterclub Watford stuurde, en pech omdat hij in Londen slachtoffer werd van een gewapende overval. Maar bovenal: pech omdat zijn gestel hem meermaals in de steek liet. Meer specifiek: zijn knieën hem in de steek lieten. In vijf seizoenen stond hij in totaal 307 dagen langs de kant met een blessure en moest hij 51 wedstrijden missen.

Oude bekenden

Soms kijkt hij de schaduw van zijn verleden weer recht in de ogen. Zoals toen Merkel in 2016 bij Pisa tekende om onder een oud-teamgenoot te spelen: Gennaro Gattuso. Dat werd geen succes. “Ik vertrok naar Pisa voor Gattuso. Een paar dagen na mijn komst leverde Gennaro zijn contract in uit onvrede met het bestuur. Toen heb ik me solidair getoond en mijn contract ook ingeleverd.”
Toen Gattuso een maand later zijn geschil met de clubleiding van Pisa bijlegde en een nieuw contract tekende, was Merkel al uitgeweken naar de 2. Bundesliga, naar VfL Bochum.

En ook dit seizoen komt Merkel oude bekenden tegen. Zoals wanneer op 15 december PSV op bezoek komt in het Polman Stadion. Op de bank bij de Eindhovenaren zit een oud-teamgenoot die ook op de platte kar stond in het voorjaar van 2011: Mark van Bommel. “Ik kijk ernaar uit om tegen zijn team te spelen. Leuk om hem terug te zien.”

Ook in Almelo lopen voor Merkel bekende gezichten rond. Zo kent hij trainer Frank Wormuth al sinds de twee samenwerkten bij de Duitse nationale ploeg voor spelers tot twintig jaar. Wormuth toen als discipel van zijn ex-teammaat Joachim Löw, Merkel als kroonjuweel van een nieuwe generatie Duitse sterren. In die tijd werd hij in één adem genoemd met spelers als Mesut Özil, Toni Kroos en Mario Götze. Waar zij later uitgroeiden tot wereldkampioenen, bleef de interlandcarrière van Merkel tot dusver beperkt tot één interland, voor Kazachstan.

Niet alleen met Wormuth kan Merkel Duits spreken in Almelo. De huidige selectie telt zes spelers met een Duits paspoort. “We hebben een aantal Duitsers hier. Dat is fijn. Op de club kunnen we Duits spreken met elkaar, maar in het voetbal geldt maar één taal: voetbaltaal. Dat is het belangrijkst. Duits of Nederlands; we zijn één team.”

Binnen dat team hoopt Merkel zijn carrière een positieve impuls te geven. Met het geluk eindelijk eens aan zijn zijde. “Ik kan me hier ontwikkelen. Ik doe mijn best zodat ik op een dag de overstap kan maken naar een grote club. Daar geloof ik nog in. Waarom niet? Ik ben nog geen 35 dus heb nog wel acht tot tien jaar te gaan.” Het zelfvertrouwen dat zijn beroemde naamgenoot ook niet vreemd is.

Nu in de winkel
Aanmelden
Advertorial
transfergeruchten Laatste: 'Interesse voor Feyenoord-talent Touré vanuit binnen- en buitenland'
jukebox Laatste: Zo verging het de vorige aankopen van Feyenoord uit Zuid-Amerika
betweters quiz Laatste: ELF Voetbal Betweters Quiz: Feyenoord - Ajax KNVB Beker
boulevard Laatste: Ex-liefje Balotelli maakt haar volgers gek met dansje
hoe is het met..? Laatste: Hoe is het met... Mauro Camoranesi?
ballenmeisje Laatste: Het ballenmeisje: Cristina Chiabotto
cultheld Laatste: Iván Campo: Koninklijke kelderklasser
superelf Laatste: Superelf Martijn Reuser: Van Van der Sar en Hreidarsson tot Kreek en Kluivert
voetballer x Laatste: Voetballer X: "Ik heb gracieuze trainers zien veranderen in beulen"
avonturiers Laatste: Waarom Peter Leeuwenburgh na veertien jaar Ajax gelukkiger is in Zuid-Afrika
Privacyverklaring
X <