Hoe weinig grenzen racisme ook lijkt te hebben, de kalklijnen rond een voetbalveld kunnen bij uitzondering als blokkade dienen. Voorwaarde: de gekleurde speler binnen die lijnen is bovengemiddeld goed. Ojokojo Torunarigha wás bovengemiddeld goed.
Zo goed dat de trefzekere spits als een van de weinige Nigerianen de kans kreeg om Afrika te verlaten voor een profcarrière in Europa. De uitweg. De kans om een kansrijk bestaan op te bouwen voor de hele familie. In 1991, het stof van de gevallen muur dwarrelde nog langzaam neer, zette de familie Torunarigha voet op Duitse bodem. Ook de driejarige Junior was erbij. Vader Ojokojo tekende bij Chemnitzer FC, dat twee jaar eerder nog door Juventus was uitgeschakeld in de kwartfinale van de UEFA Cup. Toen nog als FC Karl-Marx-Stadt. Het behoeft weinig uitleg dat Chemnitz, na Leipzig en Dresden de derde stad van deelstad Saksen, begin jaren '90 geen ideale omgeving was voor een Afrikaans gezin.
"Racisme was een groot ding, zeker in Oost-Duitsland", vertelt Torunarigha. "Ons gezin lieten ze nog redelijk met rust omdat mijn vader een goede voetballer was. Dat maakte het voor ons makkelijker." Dat wil echter niet zeggen dat de familie Torunarigha gevrijwaard bleef van angst. "Ik herinner me een voorval in een bus. Ik was naar een wedstrijd van Chemnitzer FC gaan kijken. Ik speelde er zelf in de jeugd. Een groep supporters van onze eigen club zat achterin de bus, dronken. Ik zat voorin. Toen de bus stopte bij een halte wilde een Chinese vrouw met een kinderwagen instappen. Haar werd de toegang geweigerd door de dronken supporters. Alleen omdat ze Chinees was. Toen heb ik me de rest van de busreis naar huis voorin de bus verstopt. Bang dat ze mij zouden zien. Ik was twaalf jaar oud."
Talent
Junior bleek het talent van zijn vader te hebben. Hij kreeg een plek aangeboden in de jeugdopleiding van Hertha BSC. Omdat vader Ojokojo vanwege knieproblemen zijn carrière had moeten beëindigen verhuisde het hele gezin naar Berlijn. In de jeugd ging het goed, maar de stap naar het eerste elftal bleek te groot voor Junior. Een rondreis door de vierde divisie volgde.
Vijf clubs in de Duitse marge later sprong Torunarigha in het oog van Ben van Dael, hoofdtrainer van Fortuna Sittard. "Ik ben op proef geweest. De trainer sprak me erg aan, hij is goed met mensen. Menschlich, noemen we dat in Duitsland. Ik voelde meteen een klik, ook met de spelers."
"Eerlijk gezegd wist ik nog niet zoveel van Nederland voordat ik hier vorig jaar neerstreek. Ik wist dat jullie goede kaas hebben, een koningshuis, en dat de taal een beetje klinkt als Duits. En ik had al aardig wat Nederlanders ontmoet voordat ik naar Nederland kwam. Allemaal aardige, vriendelijke mensen, met een goede mentaliteit."
International
Bij Alemannia Aachen hoopt hij de volgende stap te zetten richting zijn doel: het evenaren van zijn vader. "Hij was Nigeriaans international, speelde met grootheden als Stephen Keshi, die inmiddels helaas is overleden. Wie weet haal ik ook ooit de nationale ploeg, je weet het niet. Wie had gedacht dat Leicester City ooit kampioen van Engeland zou worden?"
En er is nog een aspirant-international in de familie. "Mijn broertje Jordan speelt in de jeugd bij Hertha en is jeugdinternational van Duitsland. Hij is een linksbenige centrale verdediger. Beter dan ik. Ik hoop dat hij de Duitse nationale ploeg haalt." Het zou de kroon zijn op een geslaagde integratie. Een middelvinger naar de dronken supporters in de bus.

