Laatste nieuws
00.15Lewandowski kondigt transfervrij vertrek bij Barcelona aan
00.02Boskamp ziet bizarre situatie rond Ajax-revelatie: 'Hier begrijpen ze er niks van'

Gisteren

23.50Grote vreugde bij Willem II: 'Mooiste moment uit mijn carrière'
23.50'FC Utrecht leidt de race voor Kemper na warm onderhoud met Correia'
23.45Voormalig Feyenoorder Walemark helpt Lech Poznan aan tiende Poolse landstitel
23.33Feyenoord-icoon over bizar moment: 'Dan was ik denk ik doodgeschoten in Milaan'
23.32VI Live: Sporting en Benfica eindigen seizoen met gezapige overwinningen
23.29Benfica blijft hele competitie ongeslagen, maar grijpt toch naast Champions League
23.25'Helemaal rond: Mourinho keert terug bij Real, Benfica strikt meteen opvolger'
23.23Barcelona mag blijven hopen op treble na winst in bekerfinale
23.15Correia wil NAC-captain Kemper naar FC Utrecht halen
23.10Hélène Hendriks deelt pikante tv-blooper: 'Dat zat onder mijn borst'
23.08Almere-coach Rijsdijk verdedigt pupil na harde charge op Twigt: 'Ongelukkig'
23.05BBC: Michael Carrick wordt definitief trainer van Manchester United
23.04Scorende Brugts pakt beker met Barcelona, behalen treble is nog mogelijk
23.00Dors over horrortackle ploeggenoot: 'Frustratie, maar terecht rood'
22.56Willem II knokt zich naar finale play-offs: 'Of je het voelt? Nou, zeker!'
22.55Willem II-matchwinner kan geluk niet op: 'Ik was heel blij, niet normaal'
22.51Almere City-keeper van held naar schlemiel: 'Kan wel door de grond zakken'
22.45'Ik voel me een mix van Jan Vertonghen en Vincent Kompany'
22.44VI Live: Sporting lijkt tweede plek niet te gaan verspelen aan Benfica
22.42'Dit zijn aanslagen die niet op een voetbalveld thuishoren'
22.35Fantastisch: FC Twente-fans zwaaien spelersbus massaal uit voor duel met PSV
22.28‘Dreigende sfeer’ dwingt Hearts tot snel vertrek Celtic Park: 'Volstrekt onacceptabel'
22.18Hearts-spelers in tranen, statement van club na 'schandelijke taferelen'
22.10Eredivisie-smaakmaker geeft uniek inkijkje bij Nederlands elftal: 'Goed geregeld'
22.05Willem II na zege op Almere nog één horde verwijderd van Eredivisie-rentree
22.05Willem II overtuigend naar finale play-offs na nieuwe zege op Almere City
21.59VI Live: Willem II wacht confrontatie met FC Volendam of Telstar
21.58Willem II schakelt Almere uit en mag blijven dromen van Eredivisie
21.48Álvarez wakkert transfervuurtje aan met Ajax-post op Instagram
21.45Timber ziet technisch directeur Benatia alsnog vertrekken bij Marseille
21.45Neuer ontwijkt vraag over terugkeer bij Duitsland: 'Nu geen onderwerp'
21.44VI Live: finale play-offs mag Willem II niet meer ontgaan na rood voor Almere
21.40Correia vreest resultaat in Volendam niet: 'Zestiende plaats is ook een prestatie'
Resultaten x

Zo groeide Sergio Ramos uit tot een koninklijke matador

Hij is door Zinedine Zidane al de ziel van Real Madrid genoemd: Sergio Ramos (31), bezig aan zijn dertiende jaar in Santiago Bernabéu. De teller staat op bijna zeshonderd wedstrijden voor De Koninklijke. De jongen die stierenvechter wilde worden is nu El Capitán, wiens hoofd zijn kracht en zwakte is. In aanloop naar El Clásico (zaterdag 13.00 uur) het verhaal van Sergio Ramos uit Camas.
21-12-2017 12:00 door

Er waren in de afgelopen jaren momenten dat Sergio Ramos Garcia zich even in een plaza de toros (stierenvechtarena) waande. Zoals in Kiev in 2012, na het winnen van de Europese titel met Spanje. Of in Lissabon (2014) en Milaan (2016) na de Champions League-finales tegen Atlético Madrid en dit jaar in Cardiff na de finale tegen Juventus. Dan stond Ramos als een volleerde torero na de prijsuitreiking met een paars-gele muleta, een half-cirkelvormige doek, te zwaaien. Vaak met de vlag van Andalusië om zijn middel. Hij zwaaide dan bijna net zo soepel met de muleta als zijn vriend Alejandro Talavante, een bekende matador in Spanje, waar torero's in het zuiden van het land soms nog meer aanzien genieten dan topvoetballers.

Niet vreemd dus dat Ramos als kleine jongen eigenlijk matador wilde worden. Hij wilde beroemd worden. Ramos groeide op in Camas, een dorp ten westen van Sevilla. Daar, in de grote stad, staat La Real Maestranza, een van de oudste en bekendste stierenvechtarena's van Spanje. Andalusië is van oudsher het terrein van stierenvechters. En misschien, als moeder Francisca, door iedereen Paqui genoemd, haar zoon Sergio niet had toegesproken, dan was Ramos wellicht ook matador geworden. "Stierenvechten? Nee, dat gaan we niet doen Sergio. Ga maar lekker voetballen", adviseerde ze.

KLEINE SCHUSTER

En zo begon de succesvolle voetbalcarrière van Ramos, onder meer viervoudig Spaans kampioen, drievoudig winnaar van de Champions League en voormalig wereldkampioen en Europees kampioen met Spanje. Mede omdat zijn moeder voetballen veiliger vond dat in een arena oog in oog staan met een stier van ruim duizend kilo. Nee, Ramos, inmiddels getrouwd en vader van twee zoons, heeft er achteraf ook geen spijt van. Hij werd namelijk alsnog wereldberoemd, als voetballer. Het was aan de hand van zijn oudere broer René dat Sergio bij de lokale club Camas Juniors ging voetballen. Eigenlijk was hij nog te jong, zo'n zes jaar oud. Maar het oog van de jeugdtrainers viel al vrij snel op het jongetje met de lange haren, dat driftig rond het veld dribbelde wanneer broer René zelf voetbalde. Sergio had toen al vaak aangedrongen: wanneer mocht hij eens mee naar de club?

Ramos bezat een fanatisme dat weinig andere zesjarigen hadden. Maar hij moest minimaal acht jaar zijn om bij een jeugdteam aan te sluiten. Dus bedacht de clubleiding een list. Ramos kon onder een andere naam de regels van de Spaanse voetbalbond ontlopen. Zo werd hij voor even Pepito Perez, een achtjarig jongetje dat net was gestopt. Ramos speelde twee jaar onder de radar in het jongste jeugdelftal van Camas Juniors. Ramos was de kleinste van het stel, maar voor niemand bang. Dat was ook een van de redenen dat jeugdscouts van Sevilla FC snel geluiden opvingen over een Mini Schuster, naar Bernd Schuster, in Camas.

Ramos viel op, niet alleen met zijn wapperende manen. Hij was verdedigend en aanvallend sterk. En hij nam al snel de leiding. Hoe jong hij ook was. Hij sprak teamgenoten steeds toe, gaf hen sturing. De kleine Sergio was overal op het veld te vinden. Op zijn negende klopte Sevilla FC aan bij de familie Ramos. Pablo Blanco, hoofd van de jeugdacademie van Sevilla, was door de scouts ingelicht. Zij zagen een groeibriljant in Sergio en haalden hem binnen.



DE DOORBRAAK

Het was Joaquin Caparros, tussen 2000 en 2005 trainer bij Sevilla FC, die het aandurfde om Ramos al op zeventienjarige leeftijd bij het eerste elftal te halen. Ramos had toen in een recordtempo de jeugdafdeling van de club doorlopen. De Juvenil-elftallen, waarin hij samenspeelde met Jesus Navas en Antonio Puerta, bleken al snel een gepasseerd station voor het gedreven talent, dat een rotsvast vertrouwen in zichzelf had. Een fysiek pijnlijke groeispurt had hij overwonnen en zijn steeds sterker wordende lichaam gooide hij altijd en overal direct in de strijd. Dat bleek ook op een van de eerste trainingen. Ramos kegelde Sevilla-aanvoerder Pablo Alfaro hard onderuit. Zonder om te kijken.

Op 1 februari 2004 stelde Ramos zich voor het eerst voor aan het grote publiek: in een uitwedstrijd tegen Deportivo La Coruna. In Estadio Riazor viel hij 25 minuten voor tijd in voor Francisco Gallardo. Caparros merkte voor de wedstrijd iets bijzonders op, vertelt hij in een van de video's op de officiële website van Sergio Ramos. Want hoewel Ramos pas zeventien jaar was en geen minuut had gespeeld sprak hij teamgenoten als Dani Alves en Julio Baptista toe als een geboren leider. Vol passie en vuur.

"In de spelerstunnel stond Sergio vaak zijn teamgenoten te motiveren. En in de kleedkamer ramde hij vaak een paar keer op zijn kluisje voordat we het veld betraden. Zo pepte hij iedereen op. Toen was hij nog maar zeventien jaar oud. Die houding beviel me wel", zegt Caparros. Ramos viel na zijn debuut bij Deportivo in de weken die volgden nog een paar keer in en eindigde het seizoen 2003/04 uiteindelijk als basiskracht. Die rol eigende hij zich in het seizoen daarop nog meer toe. Met Caparros had Ramos een hechte band. Hij prikkelde hem. En Ramos leerde ook te leven als een profvoetballer.

Zo herinnert Ramos zich nog dat hij samen met zijn vader José Maria door een klapband net te laat bij het stadion Ramon Sanchez Pizjuan was en de spelersbus toen al zag wegrijden. Ze besloten met de auto achter de bus aan te gaan, net zo lang tot de bus stopte. Caparros sprak Ramos toe en zei: "Als je denkt dat de kans om te laat te komen ook maar één procent is, pak dan een matras en slaap in het stadion." Ramos bloeide op onder Caparros en blonk uit bij Los Nervionenses. "Joaquin gaf mij het vertrouwen toen ik eigenlijk nog maar een kind was, daar ben ik hem eeuwig dankbaar voor."

Foto:


NIEUWE HIERRO

Het is 14 mei 2005 als Real Madrid op bezoekt komt in Sevilla. De Koninklijke, met Galácticos Zidane, Ronaldo, Luis Figo en David Beckham, is in een titelstrijd verwikkeld met rivaal FC Barcelona als het duel met Sevilla in Ramon Sanchez Pizjuan op het programma staat. Real komt in Andalusië niet verder dan een gelijkspel (2-2), mede door een vrije trap van Ramos. Van een meter of dertig passeert hij Iker Casillas. Het puntenverlies betekent het einde van de titelaspiraties bij Real. Real-voorzitter Florentino Pérez is vastberaden om Barcelona in het volgende seizoen af te troeven en investeert weer vele miljoenen. Onder anderen in Sergio Ramos, zo’n 27 miljoen euro. Er waren meer Europese topclubs geïnteresseerd, vertelt broer en zaakwaarnemer René later. Maar Sergio wilde naar Real en het maagdelijk wit dragen. Op 8 september 2005 zette hij zijn handtekening onder een contract bij Los Blancos. Ramos kreeg het rugnummer vier, van clubicoon Fernando Hierro.

Op dat moment had Ramos al zijn debuut gemaakt voor de nationale ploeg: in maart 2005 tegen Servië en Montenegro. Toenmalig bondscoach Luis Aragonés, inmiddels overleden, bleek toen al een fan van de strijdlust van Ramos. Net als zijn opvolger Vicente del Bosque en doelman Iker Casillas, een goede vriend geworden. “Sergio had toen al een mentaliteit die wij lang niet hadden gezien bij Spaanse spelers”, zei de recordinternational van Spanje, die vele duels met Ramos speelde.

Tussen sterren als Roberto Carlos, Ronaldo, Figo, Beckham, Zidane en Raúl pendelt Ramos onder zijn eerste trainers Vanderlei Luxemburgo en zijn opvolger Juan Ramos Lopez Caro tussen de defensie en het middenveld. Later vindt hij via Fabio Capello, Bernd Schuster, Juande Ramos, Manuel Pellegrini, José Mourinho, Carlo Ancelotti, Rafael Benítez en Zidane zijn plek centraal achterin. En krijgt hij na het vertrek van Casillas de aanvoerdersband. Ramos gaat voorop in de strijd. Hij zoekt het randje en gaat er ook vaak overheen. Naast de vele prijzen die Ramos wint met Real zijn er 24 rode kaarten, waarmee hij recordhouder is bij zijn club. Met negentien rode kaarten in La Liga is hij ook recordhouder in de Spaanse competitie.



SERGIO RAMOS-TIJD

Thuis heeft Ramos inmiddels een eigen museum ingericht, met bekers, schalen en memorabilia. En die zijn ook terug te vinden op zijn lichaam. Zoals de wereldbeker, getatoeëerd op zijn rechterkuit, en de Champions League-beker, op zijn linkerkuit. Maar ook een portret van zijn moeder op zijn linkerarm en onder meer een leeuw, wolf en een dromenvanger sieren zijn rug. Nee, Ramos is geen onbeschreven blad. Hij hecht veel waarde aan symboliek. Zo staan op zijn vingerkootjes nummers die veel voor hem betekenen: 35 (het nummer waarmee hij zijn debuut maakte voor Sevilla), 32 (ook een nummer waarmee hij in Sevilla speelde), 19 (het nummer waarmee hij debuteerde voor de nationale ploeg) en 90+ (als herinnering aan zijn diverse cruciale doelpunten in de blessuretijd).

Zijn hoofd is een groot wapen. Zeker bij corners en vrije trappen. Dat bleek ook in de Champions League-finale van mei 2014 tegen Atlético Madrid. Los Rojiblancos waren dicht bij een stunt in Estadio da Luz in Lissabon. Tot het moment dat Ramos in de derde minuut van de vijf minuten extra tijd de gelijkmaker binnenkopte: 1-1. In de verlenging versloeg Real het moegestreden Atlético en won de tiende Champions League-titel: La Décima. Twee jaar later scoorde Ramos opnieuw in de gewonnen eindstrijd van de Champions League tegen Atlético. In Milaan deed hij dat al na een kwartier.

In augustus 2016 maakte Ramos opnieuw zijn status waar: in de 93ste minuut van de UEFA Supercup tegen Sevilla in Trondheim maakte hij de 2-2 tegen Sevilla. Real won uiteindelijk met 3-2 in de verlenging. De blessuretijd wordt in Spanje inmiddels Sergio Ramos-tijd genoemd. In La Liga was hij dit seizoen in de extra tijd trefzeker tegen Barcelona (1-1) en Deportivo La Coruna (3-2). “Het heeft te maken met mentaliteit”, vertelde Ramos al eens bij de Spaanse televisie. “Als je een shirt met het logo van Real Madrid erop aantrekt, heb je de plicht om te strijden tot het laatste fluitsignaal.”

Foto:


DIERBAAR SHIRT

Met zijn vechtersmentaliteit komt Ramos meer dan eens in de problemen. Een van de bekendste momenten van kortsluiting was tijdens El Clásico in november 2010. Real ging met 5-0 onderuit in Camp Nou en Ramos torpedeerde Lionel Messi van achteren. Hij kreeg rood, duwde vervolgens Carles Puyol naar de grond en gaf ook collega-international Xavi een zet. Ramos veranderde van matador in een losgeslagen stier, dolgedraaid door de Blaugranas.

In Madrid is hij de bejubelde Capitán. Buiten de hoofdstad, met name in Catalonië, lachen ze om hem. Daar is hij het mikpunt van spot. Ook omdat Ramos niet altijd even snugger overkomt. Zo feliciteerde hij eens de Spaanse waterpolodames op Twitter met de winst van een finale. Die finale bleek al 24 dagen eerder te zijn gespeeld. Ramos had naar een herhaling gekeken. Ook keek hij de basketbalvariant van de Champions League-finale tussen Olympiakos Piraeus en Real Madrid. Ramos twitterde na de nederlaag: “We pakken ze terug in de return.” De finale ging echter over een duel.

Wie de verschillende social media-kanalen van Ramos, ambassadeur van UNICEF en eigenaar van een eigen paardenfokkerij, volgt, merkt niet alleen dat hij soms onhandig overkomt, maar ook ieder jaar op 28 augustus een bericht plaatst met een verwijzing naar Antonio Puerta. Hij overleed op 28 augustus 2007 aan de gevolgen van een hartstilstand in een wedstrijd tussen Sevillaen Getafe. Ramos was een goede vriend van Puerta.

Hij denkt nog vaak aan zijn maatje. Zoals na ieder doelpunt, dan wijst Ramos met twee vingers omhoog. Hij draagt ook nummer vijftien bij de nationale ploeg. Dat was het rugnummer dat Puerta droeg bij zijn enige interland voor Spanje. Ze hadden de grote successen met Spanjegraag samen gevierd. Als Andalusische matadors.Zoals bij de EK’s van 2008 en 2012 en het WK van 2010. Ramos liet bij iedere huldiging een shirt zien met daarop de beeltenis van Puerta:met de tekst ‘siempre con nosotros’, ‘voor altijd bij ons’. Zo’n twee jaar geleden kreeg Ramos uit handen van de nabestaanden van Puerta een wedstrijdshirt van zijn overleden vriend. Het shirt heeft de mooiste plek in het voetbalmuseum van Sergio Ramos, de koninklijke matador uit Camas.

Foto:




Aanmelden
cultheld Laatste: Álvaro Recoba, de beste Chinees van Uruguay
transfergeruchten Laatste: Wie is Ozziel Herrera? Het Mexicaanse transfertarget van PSV, Feyenoord én Ajax
superelf Laatste: SuperELF Michael de Leeuw: Goirlese goalgetter
avonturiers Laatste: Frank Sturing geniet in Canada: “Maar voor Europa moet alles echt kloppen”
kleedkamerhumor Laatste: Ralf Seuntjens: "De fysioruimte is de thermometer van een team”
jukebox Laatste: De Jukebox: Michael Chacón (FC Emmen)
hoe is het met..? Laatste: Hoe is het met... Mauro Camoranesi?
voetballer x Laatste: Voetballer X: "Ik heb gracieuze trainers zien veranderen in beulen"
Privacyverklaring
X <

Wat is jouw leeftijd?

Om content en uitingen over online kansspelen volgens wet- en regelgeving te tonen, willen we zeker weten dat je oud genoeg bent. Je kan hoe dan ook onze website bezoeken.

24 jaar of ouder
Jonger dan 24 jaar

Door je keuze te maken bevestig je dat je je bewust bent van de risico’s van online kansspelen en dat je momenteel niet bent uitgesloten van deelname aan kansspelen bij online kansspelaanbieders.