Terugdenken aan 10-0
In de openingsfase van de wedstrijd scoorde PSV zo makkelijk dat het thuispubliek even terug dacht aan 24 oktober 2010. Op die dag speelde hun club Feyenoord helemaal weg met een historische 10-0 overwinning. Daar konden ze na drie doelpunten in zeventien minuten opnieuw even op hopen. Op de tribunes gingen verschillende handen de lucht in met tien vingers omhoog. Feyenoord liet het niet zover komen, maar maakte ook geen enkele aanspraak op een comeback.
Bij het zien van de opstellingen werd al duidelijk dat de uitploeg een zware middag voor de boeg had. Met name de basisplaats van Jeremiah St. Juste deed stof opwaaien. De verdediger die sinds mei 2025 geen officiële wedstrijd meer had gespeeld bij Sporting Lissabon, werd in de topper van de Eredivisie voor de leeuwen gegooid. Een keuze die uit nood werd geboren en waaruit duidelijk werd hoe groot de personele problemen voor Robin van Persie zijn.
Op de blessurelijst van Feyenoord staan met Thomas Beelen, Gernot Trauner, Tsuyoshi Watanabe, Givairo Read en Gijs Smal alleen al vijf verdedigers. Tegen Real Betis moest Van Persie daarom een flinke puzzel leggen, waarin linksback Jordan Bos en middenvelder Thijs Kraaijveld de twee plekken centraal achterin invulden, met aanvaller Aymen Sliti als linksback. De winterse komst van St. Juste en Mats Deijl, die Europees niet speelgerechtigd waren, zorgde ervoor dat Feyenoord tegen PSV wel kon starten met alle spelers op hun natuurlijke positie.
Foto: Pro ShotsDrie vroege klappen
St. Juste, die in januari nog wel een wedstrijd speelde tegen Porto B en ‘trainingsfit’ aankwam, kreeg de taak om door te dekken op Ismael Saibari. Deijl kon als opkomende rechtsback voor enig gevaar zorgen, maar de Feyenoord-defensie kreeg aan de andere kant al snel drie klappen om de oren. Na zeventien minuten stond het 3-0 voor PSV. De Feyenoord-verdediging was duidelijk niet opgewassen tegen de aanvallende klasse van PSV en moest overleven om niet tegen een extreme nederlaag aan te lopen.
Bij de eerste twee tegendoelpunten viel St. Juste weinig te verwijten. Anel Ahmedhodžic gaf in aanloop naar de 1-0 een onnodige vrije trap weg, en doelman Timon Wellenreuther ging bij de 2-0 niet vrijuit, omdat hij de bal slechts half weg bokste. Bij de 3-0 stond St. Juste aan de grond genageld nadat Wanner een risicovolle pass van Anis Hadj Moussa onderschepte. De vraag is in hoeverre je een speler zonder wedstrijdritme daarop kunt afrekenen. Zeker in een topduel, waarin hij met veel ruimte in zijn rug speelde en de communicatie met zijn nieuwe ploeggenoten niet op orde leek.
Voorschot op de landstitel
Het zou te makkelijk zijn om St. Juste als slachtoffer aan te wijzen. Het probleem bij Feyenoord lag een stuk dieper. Het merendeel van de duels werd verloren en te vaak braken aanvallers door de defensie. Waar PSV opvallend makkelijk voetbalde en de bal rond liet gaan, kon Feyenoord geen vuist maken. Aanvallend was de nummer twee wapenloos en stond Ayase Ueda alleen op een eiland.
De uitsupporters hadden hun spandoeken al vroeg weggehaald en kwamen na het laatste fluitsignaal met de tekst ‘We zijn weer een muis in plaats van een olifant.’ Het thuispubliek nam een voorschot op de landstitel en zong “Hey PSV Eindhoven, we worden dit jaar kampioen.” Normaal gesproken is februari te vroeg om dat te voorspellen, maar na dit resultaat in de topper en het getoonde niveauverschil moet er een wonder gebeuren als Feyenoord nog in de buurt wil komen.


