Gele kaarten
De cijfers laten zien dat gele kaarten dit Eredivisie-seizoen ongelijk verdeeld zijn onder scheidsrechters. Waar sommigen rond de drie kaarten per wedstrijd blijven, lopen anderen duidelijk hoger op. Zo behoren arbiters als Serdar Gözübüyük en Jeroen Manschot tot de meest ‘kaartrijke’ scheidsrechters, met aantallen die richting de vier gele kaarten per duel gaan, terwijl anderen juist beduidend lager zitten. Gözübüyük toonde tot nu toe 81 keer de gele kaart in 22 wedstrijden, dat is een gemiddelde van 3,7 per wedstrijd. Opvallend genoeg gaf Gözübüyük vorig seizoen ook de meeste gele kaarten. Toen haalde hij een gemiddelde van 3,1. Alleen Manschot toonde er dit seizoen gemiddeld meer dan Gözübüyük, namelijk 61 keer in zestien wedstrijden. Een gemiddelde van 3,8 per wedstrijd. Martin van den Kerkhof is het zuinigst met zijn gele kaart, hij gaf 28 gele kaarten in elf wedstrijden en komt dus op een gemiddelde van slechts 2,5.
Rode kaarten
Naast de gele kaart is er ook de gevreesde rode kaart. Die wordt, gelukkig, een stuk minder vaak gegeven. Toch zien we ook daarin weer wat verschillen bij de Nederlandse arbiters. Manschot toonde al zes keer de rode kaart, twee keer was het een tweede gele kaart. Vier keer een directe rode kaart. Dit seizoen zagen we in totaal 24 directe rode kaarten. Vorig seizoen waren dat er 34. Het lijkt onwaarschijnlijk dat dat geëvenaard zal worden.
Strafschoppen
Danny Makkelie legde dit seizoen het vaakst de bal op de stip: in tien van zijn negentien wedstrijden wees hij naar elf meter. Dat aantal is opvallend hoog ten opzichte van zijn collega’s, al zegt het niet automatisch alles over zijn manier van fluiten. Scheidsrechters zijn immers afhankelijk van de situaties die zich in het strafschopgebied voordoen. Ter vergelijking: op de tweede plek staat Gözübüyük. Hij gaf zes strafschoppen in 22 wedstrijden.


