1. Milan Nikolic (1956-57)
De eerste Eredivisie-selectie ooit van PSV herbergt de aanvaller Milan Nikolic, geboren in Belgrado, de huidige Servische hoofdstad die destijds nog onder Joegoslavië viel. De voorhoedespeler werd voor aanvang van het eerste Eredivisie-seizoen ooit overgenomen van het Oostenrijkse Rapid Wien. Door een positief verlopen testwedstrijd in Eindhoven mocht Nikolic aldaar aan de slag, maar het avontuur was geen groot succes beschoren. PSV eindigde dat seizoen zesde en Nikolic kwam slechts zes keer aan de bak. In de zomer van 1957 trekt hij naar Willem II, waar hij de eerste buitenlandse aanwinst wordt. Voor die club speelt hij iets meer wedstrijden, maar in 1960 moet de Serviër stoppen met voetballen door een blessure. Later wordt hij bij PSV jeugdtrainer en in 1967 hoofdtrainer, maar ook zijn tweede termijn bij de club was verre van succesvol. Zo heeft hij het twijfelachtige record in handen van meeste duels op rij verloren als hoofdtrainer van PSV. In de achttien duels dat Nikolic hoofdtrainer was, wist de club tien duels niet te winnen. Ook heeft hij het hoogste verliespercentage op zijn naam, ondanks dat hij spelers als Willy van der Kuijlen, Pim Doesburg en Bent Schmidt Hansen tot zijn beschikking had.
2. Zvezdan Cebinac (1966-67)
Tien jaar na de komst van Nikolic als speler is hij dus trainer van de Eindhovenaren. Een van de spelers die hij in dat mislukte seizoen (PSV eindigt uiteindelijk zesde) onder zijn hoede heeft is landgenoot Zvezdan Cebinac. Een rechtsbuiten die in eigen land uitkwam voor zowel Partizan Belgrado (waar hij drie keer landskampioen werd) als Rode Ster Belgrado. Bij PSV speelt de aanvaller slechts een seizoen. In 31 competitieduels komt hij tot vijf doelpunten en acht assists. Hij vertrekt in 1967 naar FC Nürnberg, met wie hij grote successen boekt. Hij wordt in 1968 landskampioen van Duitsland en wint een jaar later de Intertoto Cup. Ook groeit hij uit tot twintigvoudig international van Joegoslavië.
3. Pavle Kis (1968-68)
De volgende naam op de lijst is Pavle Kis. Een aanvaller die eveneens afkomstig is uit de jeugdopleiding van Partizan Belgrado. Na periodes bij Wiener AC, Grazer AK, Hamborn 07 en Hertha BSC, trekt Kis in 1968 naar PSV. Een uitstapje van korte duur. Kis blijft tot december onder contract in Eindhoven, maar vertrekt snel naar Bayer Leverkusen. Zijn enige Eredivisie-goal maakt hij op 22 september 1968. In het thuisduel met DWS is hij in de 31ste minuut verantwoordelijk voor de openingstreffer (2-1 winst).
4. Ivica Kralj (1999-2002)
De eerste drie spelers van Servische komaf konden allemaal geen onuitwisbare indruk achterlaten in Eindhoven. Het duurt tot en met 1999 voordat de club het weer aandurft. Ivica Kralj, geboren in Tivat, dat hedendaags gelegen in Montenegro is, komt in 1999 naar de club als extra doelman van FC Porto. Bij de Portugese topclub verloor hij de concurrentiestrijd van Vitor Baia. Hoewel hij als speler van PSV wel de landstitel en de Johan Cruijff Schaal wint, is zijn aandeel daarin klein. Hij is na een slepende hamstringblessure in zijn debuutseizoen derde doelman geworden achter Ronald Waterreus en Patrick Lodewijks. Daardoor komt de veertigvoudig international van Joegoslavië in drie seizoenen tot slechts negen optredens.
5. Mateja Kezman (2000-2004)
De vorige vier spelers leverden PSV weinig vertier op, maar nummer vijf was absoluut een schot in de roos. In de zomer van 2000 betaalt PSV liefst veertien miljoen euro om de Serviër los te weken bij Partizan Belgrado. De club krijgt er absoluut geen spijt van. Kezman is een geboren goalgetter en hij slaagt in de loodzware opdracht om zijn voorganger Ruud van Nistelrooij te doen vergeten. In de vier seizoenen dat Kezman uitkwam in de Eredivisie wordt hij drie keer topscorer. In zijn derde seizoen met liefst 35 doelpunten. Het levert hem de interesse op van Chelsea, waar hij in de zomer van 2004 samen met Arjen Robben naartoe transfereert. Het loopt alleen niet zoals gehoopt. Eigenlijk nergens meer in zijn carrière. Zo goed als bij PSV werd hij nooit meer, ondanks dat hij het bij veel verschillende clubs probeerde. Voor PSV was hij in 176 wedstrijden goed voor 129 goals.
Foto: Pro Shots6. Slobodan Rajkovic (2007/08)
Een aantal jaar voor zijn overgang naar PSV behoorde Slobodan Rajkovic in zijn thuisland bij de toptalenten van zijn generatie. De verdediger kwam, voor de verandering, niet uit de jeugdopleiding van Partizan Belgrado of Rode Ster, maar van stadgenoot OFK Belgrado. Daar zat hij op zijn vijftiende al bij de A-selectie. In 2006 betaalt Chelsea 5,2 miljoen euro voor de zestienjarige verdediger, op dat moment een wereldwijd recordbedrag voor een speler van zijn leeftijd. De club verhuurt hem direct terug aan OFK. Een jaar later wil Chelsea hem op een hoger niveau zien acteren, dus trekt de jongeling naar PSV. Verdediger Alex bewandelde de omgekeerde route. Na een seizoen (en achttien optredens namens PSV) wil de club de huurverbintenis met een seizoen verlengen, maar Chelsea is van mening dat Rajkovic te weinig speeltijd krijgt. De club stuurt hem achtereenvolgens op huurbasis naar FC Twente en Vitesse. Rajkovic verliet Chelsea in 2011 zonder ooit een minuut te hebben gespeeld voor The Blues.
7. Danko Lazovic (2007/10)
In de zomer van 2007 doet PSV grote zaken. De club haalt Danko Lazovic van Vitesse, waar hij in het seizoen daarvoor gekroond is tot Vitesse-speler van het jaar. De aanvaller is geen onbekende in de Eredivise. Eerder speelde hij ook bij Feyenoord, maar daar kwam de Serviër niet uit de verf. Bij Vitesse wel, daar hij in 38 officiële duels 21 keer scoorde. PSV betaalde destijds circa zeven miljoen euro aan de Arnhemmers. Bij PSV zou Lazovic een wisselende periode beleven. Zijn inbreng wordt eigenlijk per seizoen minder. In zijn eerste jaargang is hij hoogstpersoonlijk verantwoordelijk voor het winnen van de landstitel. Uit bij Vitesse scoort hij namens de Eindhovenaren op de laatste speeldag de winnende treffer, wat zijn elfde competitiegoal van het seizoen betekent. Maar in het jaar 2008/09 loopt het minder rooskleurig. PSV draaide minder en met trainer Huub Stevens kreeg hij het aan de stok. In november 2008 verliest PSV met 4-1 bij Ajax. Invaller Lazovic is niet blij met zijn plek op de bank en is als invaller betrokken bij de enige goal van de Eindhovenaren. Na de wedstrijd geeft hij zijn oefenmeester er verbaal van langs met Servische scheldwoorden. Als gevolg daarvan krijgt de aanvaller een boete opgelegd en moet hij zijn excuses maken. Op 3 maart 2010 verlaat Lazovic de club voortijdig en gaat hij spelen voor Zenit Sint-Petersburg.
8. Jagos Vukovic (2009/11)
In 2009 shopt PSV weer eens in Servië. Bij het scouten valt de verdediger Jagos Vukovic op, een jonge achterhoedespeler van FK Rad. De Eindhovenaren huurden hem van de ploeg uit Belgrado en bedongen een optie tot koop. In zijn eerste jaargang bij PSV komt Vukovic tot vijf duels, waarin hij eenmaal doel treft. Op de veertiende speeldag van het seizoen 2009/10 maakt hij zijn Eredivisie-debuut tegen Heracles Almelo. Bij een stand van 3-0 komt hij in de 77ste minuut binnen de lijnen. Tien minuten later maakt hij er een droomdebuut van, door met een afstandsschot Heracles-doelman Martin Pieckenhagen te verschalken. PSV wilde de optie tot koop niet lichten, maar wel onder andere voorwaarden een langer verblijf aangaan. Dat lukte. Een dag later maakte de club bekend de jonge verdediger voor drie seizoenen naar Eindhoven te halen, met een optie voor nog twee seizoenen. In 2010/11 komt hij nauwelijks in aanmerking voor minuten, en wanneer hij wél meedoet, zoals in de Topper met FC Twente, pakt de verdediger rood voor een onbesuisde tackle. In 2011/12 speelt Vukovic nog een seizoen op huurbasis bij Roda JC, maar zijn carrière bij PSV is zo goed als ten einde. In 2013 vertrekt hij naar Vojvodina.


