“Kleedkamerhumor is prachtig”, begint Ralf Seuntjens. “Ik denk meteen aan de gezelligheid. Dat iedereen heel de tijd dingen aan het uithalen is om iemand te kakken te zetten. Het is iets heel belangrijks.” Seuntjens gaat al heel wat jaartjes mee in het Nederlandse profvoetbal, alle clubs hebben één factor in gemeen. “De fysiokamer is de thermometer van de staat van een elftal. Daar wordt alles, van A tot Z besproken; de training, de wedstrijden, irritatiepunten en hoe iedereen zich voelt. Daar komen dat soort dingen altijd aan bod. Dat gaat heel de dag door. Vroeger werd er vooral gekaart, nu is het vaker iets vrijer.”
Jeffrey Vlug
Al vroeg in zijn carrière kwam hij in aanraking met de humor buiten het veld. “Een moment met Jeffrey Vlug zal ik me altijd blijven herinneren. Dat was in mijn tijd bij Den Bosch, met Alfons Groenendijk als coach. Toen moest ik echt mijn lach inhouden. Achteraf hebben we ons helemaal suf gelachen. Jeffrey was echt een praatjesmaker. We waren net klaar met douchen en hij stond daar, met ontbloot bovenlichaam, een verhaal te vertellen. Op een gegeven moment zei Alfons: ‘Daar mogen ook wel wat kilo’s vanaf!’ Jeffrey had inderdaad een klein beetje een buikje. Hij reageerde meteen: ‘Nou trainer, dan moet jij eens even luisteren. Als ik geen buikje had gehad, dan was jij nooit mijn trainer geweest!’ Die was zo spot on. Het mooie was dat Alfons er zelf ook om kon lachen. Dat vind ik ook een kwaliteit van een trainer: de kleedkamer moet soms gewoon de kleedkamer kunnen zijn.”
De Graafschap
In de vorige editie vertelde Jeffry Fortes uitgebreid over de perikelen bij De Graafschap, maar ook Seuntjens maakte genoeg mee. “Voordat Jeffry er was, zat ik met Jasper van Heertum en Leeroy Owusu. Die waren constant grappen met elkaar aan het uithalen. Op een gegeven moment was Leeroy naar een visboer gereden. Daar halen ze altijd de koppen van de vissen eraf. Hij nam een mooie zak met vissenkoppen mee en legde die vervolgens in het kluisje van Jasper. Dat stonk echt verschrikkelijk.” De aanvaller grinnikt terwijl hij het verhaal vertelt. “Toen Jasper zijn kluisje opendeed, lagen daar ineens allemaal vissenkoppen. Vanaf dat moment werd het echt een strijd tussen die twee. Jasper bekeek uiteindelijk de camerabeelden en kwam erachter dat Leeroy erachter zat. Op een wedstrijddag nam hij wraak. Leeroy wilde na de wedstrijd naar huis rijden, maar toen bleek dat zijn banden leeg waren gelopen. Jasper had ze laten leeglopen. Dat was hun manier van elkaar terugpakken.”
Bij De Graafschap ontmoette Seuntjens de grootste grappenmaker. "Alexander Büttner was altijd heel scherp. Hij is echt een gezelschapsdier. Hij verstopte regelmatig spullen van anderen of trok gewoon andermans kleding aan. Daar is hij geweldig in. Op die manier zorgt hij ook voor verbinding in de groep, hij kan met iedereen in het elftal goed opschieten."
Foto: Pro ShotsKleedkamerhumor is er in alle soorten en maten. “Er gebeurt altijd van alles, soms worden er sokken doorgeknipt. Als je hem dan aan probeert te doen, trek je hem tot aan je knieën. Hetzelfde gebeurde bij boxers. Dan trok je hem zo tot aan je oksels! Elke dag was er wel iets. Ook de simpele dingen. Als iemand een tosti in het tostiapparaat legde, was er geheid iemand die de tosti van een ander flink aandrukte waardoor hij helemaal verpest was. Ik heb weleens een jas aangedaan waar de mouwen aan elkaar vastgeknoopt waren. Dan staan ze je met z’n allen te filmen terwijl je aan het stoeien bent met je jas!” Nagenoeg overal zijn er wel symptomen van kleedkamerhumor. “Het verschilt heel erg per team, soms moet je wat meer opletten en soms wat minder. Bij De Graafschap was het wel extreem.” Zelf doet hij maar al te graag mee. “Ik knoop af en toe wat veters van anderen aan elkaar. Soms hang ik mijn kleding expres voor die van iemand anders. Dan kunnen ze het vaak niet vinden, alles is dan verstopt.”
Buitenland
In 2022 vertrok de spits naar Japan, weg van de kleedkamergrappen. “In Japan kennen ze dat eigenlijk helemaal niet. Ik heb daar denk ik geen kleedkamergrappen meegemaakt. Het is daar allemaal wat serieuzer. Ik miste het niet per se, dat is een groot woord. Als je in een andere cultuur komt, dan went dat best snel. Toen ik terugkwam was ik wel weer blij, dan besef je je weer hoe dat is.”
Inmiddels is Seuntjens in België beland. Daar voetbalt hij bij Lommel SK. “Er zitten jongens van over de hele wereld. In de selectie zitten bijvoorbeeld spelers uit Zweden, Ghana, Colombia en Nepal, noem het maar op. Daardoor is de dynamiek in de kleedkamer ook net wat anders dan in Nederland. De typische kleedkamerhumor die je daar vaak hebt, is hier minder aanwezig.” Toch is er hier en daar wat kleedkamerhumor. “Soms zijn er wel kleine grapjes. Bijvoorbeeld in de gym: als iemand binnenkomt en je weet wat zijn favoriete toestel is, dan lopen drie of vier jongens alvast naar dat apparaat. Dan kan hij even niet beginnen. Dat soort dingen gebeurt hier ook. In Nederland valt het alleen minder op, omdat er daar vaak nog veel meer gebeurt in en rond de kleedkamer.”
Ralf Seuntjens geeft voor volgende keer het stokje door aan Mats Seuntjens.


